Goede vragen aan ouders en grootouders zijn open, concreet en persoonlijk. Vraag niet alleen wat er gebeurde, maar ook hoe iets voelde, welke keuzes iemand maakte en welke lessen daaruit voortkwamen.
Begin met vragen die herinneringen oproepen
Een brede vraag als “vertel eens over vroeger” kan lastig zijn. Concrete vragen geven meer houvast. Vraag bijvoorbeeld hoe het ouderlijk huis eruitzag, welk spel iemand graag speelde of wat er op zondag werd gegeten.
Voorbeelden van vragen
Jeugd en familie
- Hoe zag het huis eruit waarin je bent opgegroeid?
- Welke familietraditie herinner je je het beste?
- Van wie heb je vroeger een belangrijke les geleerd?
School en jongvolwassenheid
- Welk vak of welke leraar is je bijgebleven?
- Wat kocht je van je eerste verdiende geld?
- Welke droom had je toen je jong was?
Liefde en ouderschap
- Hoe ontmoette je je grote liefde?
- Wat veranderde er toen je ouder werd?
- Welke eigenschap hoopte je aan je kinderen door te geven?
Levenslessen
- Op welke keuze ben je het meest trots?
- Wat zou je achteraf anders doen?
- Welke boodschap wil je aan volgende generaties meegeven?
Maak van vragen een gesprek
Luister naar onverwachte zijwegen en stel vervolgvragen. Vaak zit het meest waardevolle verhaal in een klein detail dat niet in de oorspronkelijke vragenlijst stond. Wil je een complete opbouw volgen, bekijk dan de Golden Story-invulboeken met 156 vragen.
Lees ook hoe je een levensverhaal stap voor stap vastlegt en hoe je familieverhalen bewaart.